Kunst in de openbare ruimte
Een beeld staat veertig jaar op een plein. Dan wordt het plein heringericht, en past het beeld niet meer in het plan. De gemeente wil het weghalen, de maker leest het in de krant, en de wethouder krijgt vragen.
Dat is het patroon. Bijna elk conflict over kunst in de openbare ruimte ontstaat lang na de onthulling, op het moment dat iemand iets met de plek wil. En bijna elk conflict was te voorkomen geweest in de opdrachtovereenkomst.
De percentageregeling beeldende kunst: waar het budget vandaan komt
Het Rijk kent sinds 1951 een percentageregeling voor beeldende kunst. Bij nieuwbouw, renovatie of verbouw van rijksgebouwen wordt een deel van de bouwsom aan kunst besteed, uitgevoerd door het Atelier Rijksbouwmeester binnen het Rijksvastgoedbedrijf. De staffel loopt af naarmate het project groter wordt: twee procent bij bouwkosten tussen één en zeven miljoen euro, daarboven een lager percentage plus een vast bedrag. Onder een bouwsom van één miljoen geldt de regeling niet.
Veel gemeenten hebben een eigen variant, vastgelegd in een verordening, vaak met een lager percentage. Werk je aan een gebiedsontwikkeling, zoek dan uit welke regeling geldt voordat het budget rond is. Achteraf kunst toevoegen is duurder dan vooraf ruimte reserveren.
Wat er in de opdrachtovereenkomst voor een kunstwerk hoort te staan
De overeenkomst regelt meer dan prijs en oplevering. Vier onderwerpen worden het vaakst vergeten, en het zijn precies de vier waar het later over gaat.
Onderhoud. Wie onderhoudt, hoe vaak, en volgens welk protocol? Leg vast of de kunstenaar wordt geraadpleegd bij restauratie, en wie de kosten draagt.
Verplaatsing. Mag het werk naar een andere plek? Veel werk is voor één locatie gemaakt en verliest daarbuiten zijn betekenis. Spreek af of verplaatsing overleg vraagt, en wat er gebeurt bij een herinrichting.
Verwijdering. Wat gebeurt er aan het einde van de levensduur van het werk of van de plek? Een aanbiedingsplicht aan de maker, een documentatieplicht, of een termijn waarbinnen de kunstenaar het werk zelf mag ophalen.
Beeldgebruik. Mag de opdrachtgever foto’s van het werk gebruiken in campagnes, op de website en in publicaties? Benoem de kanalen en de duur.
Eigendom van het kunstwerk is niet hetzelfde als het auteursrecht
Na oplevering is de opdrachtgever eigenaar van het object. Het auteursrecht blijft bij de kunstenaar, tenzij het schriftelijk is overgedragen. Betalen voor een opdracht draagt geen rechten over, hoe hoog het bedrag ook was.
Dat onderscheid heeft praktische gevolgen. De gemeente mag het beeld bezitten, verzekeren en verkopen. Reproduceren in een campagne of het ontwerp hergebruiken op een andere locatie is iets anders, en daar is toestemming voor nodig.
Wil je als opdrachtgever meer, leg dat dan vast in de overeenkomst. En houd er rekening mee dat bij een overdracht of exclusieve licentie door de maker alleen die bevoegdheden meegaan die er uitdrukkelijk in staan of die noodzakelijkerwijs uit aard en strekking voortvloeien.
Meer over kunstenaarscontracten →
Onderhoud en restauratie van kunst in de openbare ruimte
Er is een handleiding voor. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed bracht in 2020 het Stappenplan kunst in de openbare ruimte uit, over beheer en behoud. Waardestelling, monitoring, schade, opslag en transport komen erin aan bod.
Één punt uit dat stappenplan wordt in de praktijk het vaakst overgeslagen. Wie een werk wil afstoten, moet de kunstenaar of de erven daar tijdig over informeren.
Voor een gemeente met een gemeentelijke kunstcollectie is dat stappenplan een bruikbare basis. Het vervangt geen juridische toets, want de vraag of een ingreep een aantasting van het werk oplevert blijft een auteursrechtelijke vraag.
Een kunstwerk verplaatsen of verwijderen
Hier zit de kern. De Hoge Raad besliste in 2004 in de zaak Jelles tegen de gemeente Zwolle dat de totale vernietiging van het voorwerp waarin een werk is belichaamd, geen aantasting is in de zin van artikel 25 lid 1 sub d van de Auteurswet. Als eigenaar mag je dus vernietigen zonder dat de maker zich op zijn persoonlijkheidsrecht kan beroepen.
Daar staat een belangrijke nuance tegenover. Gaat het om een uniek exemplaar, dan kan van de eigenaar worden verlangd dat hij alleen tot vernietiging overgaat als daarvoor een gegronde reden bestaat, en dat hij zorgt voor documentatie of de maker daartoe in de gelegenheid stelt. Wie dat nalaat, kan misbruik van bevoegdheid maken en onrechtmatig handelen.
Die lijn is sindsdien meermaals toegepast. In de zaken rond de Virtuele Boteringepoort in Groningen oordeelde de voorzieningenrechter eerst dat verwijdering misbruik van bevoegdheid kon zijn als de gemeente uitsluitend naar de onderhoudskosten keek. Uiteindelijk hield de verwijdering stand, omdat de herstelkosten hoog waren en het hof in 2017 vaststelde dat de gemeente de voorbereiding, de aankondiging en de uitvoering zorgvuldig had gedaan. In een Zeister zaak uit 2021 kwam de rechtbank tot hetzelfde patroon: geen inbreuk op de persoonlijkheidsrechten, wél onzorgvuldig omdat de kunstenaar niet was geïnformeerd.
De praktische les is eenvoudig. Een gegronde reden en een zorgvuldig proces bepalen de uitkomst, niet de vraag of het werk mooi is. Informeer de maker of de erven vooraf, leg de reden vast, documenteer het werk, en bied de kunstenaar de gelegenheid mee te denken over een alternatief.
Meer over persoonlijkheidsrechten en aantasting van een werk →
Aansprakelijkheid van de gemeente als een kunstwerk schade veroorzaakt
Een beeld waar kinderen op klimmen, een object dat loskomt, een scherpe rand op ooghoogte. De bezitter van een opstal die niet voldoet aan de eisen die men daaraan mag stellen en daardoor gevaar oplevert, is aansprakelijk als dat gevaar zich verwezenlijkt. Dat staat in artikel 6:174 BW, en onder opstal vallen werken die duurzaam met de grond zijn verenigd.
Of een specifiek kunstwerk als opstal kwalificeert, hangt af van de constructie en de verankering. Daarnaast kan de gewone onrechtmatige daad in beeld komen, en bij een werk waar kinderen op spelen mogelijk ook de regels voor speeltoestellen.
Voor een gemeente betekent dat: neem kunst mee in de reguliere inspectierondes en leg die inspecties vast. Een beheerdossier is niet alleen erfgoedzorg, het is ook je verweer.
Foto’s van kunst op straat: de panoramavrijheid
Artikel 18 van de Auteurswet staat toe dat je werken van beeldende kunst en bouwkunde die zijn gemaakt om permanent in openbare plaatsen te staan, afbeeldt zoals ze zich daar bevinden. Een foto van het beeld op het plein mag dus, ook commercieel.
De grenzen zitten in de woorden. Het moet gaan om een werk dat bedoeld is om permanent op die openbare plaats te staan, en om het werk zoals het zich daar bevindt. Een uitsnede waarin alleen het kunstwerk overblijft, of een reproductie los van de omgeving, valt er niet vanzelfsprekend onder. En in een compilatiewerk mag van dezelfde maker niet meer dan enkele werken worden overgenomen.
Neem contact op met Jaap Versteeg
Werk je aan een opdracht voor de openbare ruimte, of ligt er een besluit om een werk te verplaatsen of te verwijderen? Neem contact op met Jaap Versteeg. Bel 020 675 88 21 of mail hem voor een eerste gesprek.